Laden. Even geduld aub.

Telefoon0683775936EMAIL: linda [@] psychologievandaag.nlOPENINGSTIJDEN:Maandag-vrijdag 09:00-17:00
einde-behandeling2.jpg
06/okt/2019

Aan iedere behandeling komt een einde. Soms neemt de cliënt daarvoor het initiatief, maar soms ook de behandelaar. Omdat het beëindigen van de behandeling heftige gevoelens kan oproepen en grote gevolgen kan hebben, mag dat niet zomaar. In dit artikel lees je hoe het zit en vind je tips over wat je kunt doen als jullie het niet eens zijn over het stoppen met de behandeling. Elders op deze pagina vind je ook algemene tips over hoe je het aanpakt als je in je behandeling tegen problemen aanloopt, en de regels als je zelf niet verder wilt.

Afhankelijkheid

De behandelrelatie is geen gelijkwaardige relatie. Een cliënt is immers afhankelijk van zijn behandelaar. Daarom mag je als cliënt wel op ieder moment kiezen om niet verder te gaan, maar als behandelaar niet. Van toepassing is de WGBO, de Wet op de Geneeskundige Behandelovereenkomst. Deze zegt in artikel 460 heel duidelijk: De hulpverlener kan, behoudens gewichtige redenen, de behandelingsovereenkomst niet opzeggen. Maar wat zijn dat dan voor redenen? De wet is misschien simpel, maar de praktijk niet. Voor artsen werkt daarom de artsenfederatie KNMG nader uit hoe de wet moet worden toegepast. In dit geval doen ze dat in de richtlijn “niet-aangaan of beëindigen van de geneeskundige behandelingsovereenkomst”. Deze richtlijn is in ieder geval van toepassing op psychiaters, want zij zijn artsen. Je kunt hem niet helemaal één op één toepassen op psychologen, maar de richtlijn kan wel helpen om parallel redeneren toe te passen: conclusies trekken over wat je mag verstaan onder goed hulpverlenerschap binnen de gehele zorg.

Situaties waarin de behandelovereenkomst door de behandelaar kan worden opgezegd

Volgens de richtlijn gelden de volgende situaties als “gewichtige redenen”:

  • De cliënt gedraagt zich onheus of agressief jegens de arts of anderen. Het gaat dan vaak om een ernstig conflict tussen arts en cliënt, zonder enig perspectief op herstel. Deze bepaling gaat niet om een eenmalige onheuse uitlating. Wel vallen er verschillende vormen van grensoverschrijdend gedrag onder. Ook gedrag van de familieleden kan als gewichtige reden gelden.
  • De cliënt weigert aan de behandeling mee te werken. Dit is bijvoorbeeld zo als de cliënt noodzakelijke informatie achterhoudt of medicatie niet inneemt waarover duidelijke afspraken bestaan. Weigeren is niet hetzelfde als in gesprek gaan over het behandelplan of een second opinion vragen.
  • De cliënt weigert voortdurend de rekening te betalen.
  • De arts heeft een aanmerkelijk belang bij het beëindigen van de behandelovereenkomst, en wel zodanig dat voortzetting redelijkerwijs niet van hem kan worden gevergd. Bijvoorbeeld als hij persoonlijke gevoelens heeft gekregen voor de cliënt, als hij worstelt met ernstige gewetensbezwaren, als hij (tijdelijk) stopt met de praktijk of een bepaalde behandeling niet meer in zijn aanbod heeft. Ook het feit dat de cliënt regelmatig over de arts en/of zijn team klachten uit kan een reden zijn de behandelingsovereenkomst te beëindigen.

Zorgvuldigheidseisen

Het opzeggen mag niet “zomaar”, ook niet als een van de hierboven genoemde voorwaarden van toepassing is. De richtlijn geeft aan dat de behandelaar:

  • herhaaldelijk moet aandringen op verandering, daarover afspraken maakt en de cliënt waarschuwt.
  • een redelijke termijn stelt. Welke termijn redelijk is, hangt af van de specifieke omstandigheden, zoals de ernst van de klachten en de afhankelijkheid van de zorg.
  • de medisch noodzakelijke hulp in de tussentijd voortzet, of voor vervanging zorgt totdat de cliënt een nieuwe behandelaar heeft gevonden. De arts werkt mee aan het zoeken naar een alternatief voor de zorg.
  • gegevens moet verstrekken aan andere betrokken artsen of hulpverleners (met toestemming van de cliënt)
  • de dossiergegevens bewaart.

Beroepscode

De beroepscode van het NIP voegt hieraan toe dat er voor psychologen voorwaarden kunnen zijn waaronder ze zorg willen en kunnen verlenen (artikel 63). Dit kunnen financiële voorwaarden zijn, maar ook bijvoorbeeld afspraken rondom het niet verschijnen op consulten. Cliënten moeten deze voorwaarden van tevoren weten, zodat ze kunnen bepalen of dat ook voor hen haalbaar is.  Artikel 19 stelt verder:

Psychologen zijn verantwoordelijk voor de continuïteit van de professionele relatie. Als dat nodig is schakelen zij daarbij andere deskundigen in. Zij treffen maatregelen om zich er van te verzekeren dat een of meer vakgenoten hun professionele werkzaamheden overnemen dan wel afronden, als zij om welke reden dan ook genoodzaakt zijn de professionele relatie ontijdig te onderbreken of voortijdig af te breken. Psychologen zijn verantwoordelijk voor een adequate overdracht.

Let op!

Als cliënt kun je geen specifieke behandeling afdwingen. Als je behandelaar vindt dat een behandeling niet geïndiceerd of zinloos is, is hij niet verplicht deze te geven. Wel dient hij je dan te informeren over de redenen en motieven van zijn visie en, voor zover aanwezig, een alternatief aan te geven. Zo nodig kan hij je voor een second opinion verwijzen naar een andere hulpverlener.

Hoe los je het op?

Wil je behandelaar stoppen en jij niet? Zo pak je het aan:

  • Vraag naar de reden. Doe dit bij voorkeur in gesprek. Ben je ervan geschrokken of maakt het je boos? Bespreek dat. Probeer rustig te blijven. Vraag zo nodig om een time-out tijdens het gesprek. Luister goed naar wat je behandelaar zegt. Het kan ook een goed idee zijn om iemand mee te nemen.
  • Is er volgens jou geen “gewichtige reden” uit het lijstje hierboven? Benoem dat en wijs je behandelaar erop dat je afhankelijk van hem bent en dat het traject niet zomaar afgesloten kan worden.
  • Geeft je behandelaar wel een “gewichtige reden” aan? Ga het volgende na:
    • heeft je behandelaar benoemd wat het probleem is en wat er moet veranderen? Ben je gewaarschuwd?
    • heb je voldoende tijd gekregen om je gedrag aan te passen?
    • heb je nú medisch noodzakelijke zorg nodig?
    • als er al een nieuwe behandelaar is: is je behandelaar bereid de gegevens over te dragen?

Is niet aan deze voorwaarden voldaan? Vraag dan wat je behandelaar precies van je verwacht en spreek af hoeveel tijd je krijgt om je gedrag te veranderen. Sluiten jullie toch af? Geef dan aan welke zorg op dit moment noodzakelijk voor jou is totdat je een andere hulpverlener hebt gevonden, en vraag je behandelaar mee te denken over waar je wel hulp zou kunnen krijgen. Verzoek hem de gegevens over te dragen en je huisarts te informeren. Je kunt natuurlijk ook zelf je dossier opvragen.

  • Is er niet zozeer een gewichtige reden maar zijn jullie het bijvoorbeeld oneens over de behandelindicatie, vraag je behandelaar dan naar een onderbouwing. Je kunt ook vragen om een alternatief of een verwijzing voor een second opinion.

marjet-berkenbosch.jpg
06/okt/2019

Als Psychosomatisch fysiotherapeut behandelt Marjet Berkenbosch mensen met uiteenlopende klachten. Klachten die lichamelijk zijn, maar waarbij soms psychische factoren een rol spelen. ‘Het is fijn om met mensen te werken, en hen te helpen om zelf meer in staat te zijn om voor zichzelf te zorgen.’ In dit interview vertelt ze meer over haar werkwijze en wat je kunt verwachten van een psychosomatisch fysiotherapeutische behandeling. Meer informatie vind je op de website van de Nederlandse Vereniging voor Fysiotherapie volgens de Psychosomatiek en die van De Psychosomatisch Fysiotherapeut.

Psychosomatische fysiotherapie

De ingang is bij PSF het lijf. Mensen kunnen eerst lichamelijke klachten hebben en daardoor psychische klachten ontwikkelen, of andersom. Veel klachten hebben een oorsprong bij psychische of psychosociale invloeden, of kunnen daardoor onderhouden blijven. Wat ik doe is kijken welke lichamelijke klachten iemand heeft en welke externe invloeden er zijn buiten het lijf. Denk aan mentale factoren, psychische belasting en sociale belasting. Vervolgens kijken we wat we met die factoren kunnen doen. Ik zie veel mensen met angst, depressie, burn-out, overspannenheid, SOLK (somatisch onverklaarde lichamelijke klachten) en trauma.

Rationale

PSF is niet vaag of zweverig, wat mensen soms denken of waar ze bang voor zijn als ze komen. Ik kan fysiologisch heel goed uitleggen wat we doen. Ook klachten die medisch “onverklaarbaar” worden genoemd zijn best verklaarbaar. De verklaring kan dan echter meer gericht zijn op het stress-systeem, zonder fysiologische substraat. Veel klachten zijn terug te herleiden naar stress. En je hebt psychische klachten met een fysieke component, depressie of angst bijvoorbeeld. We zetten de behandeling dan snel mentaal in, zeker bij depressie, maar de reactie is fysiek. Mensen bemerken veranderingen in hun ademhaling, hartslag en lichaamshouding, ze krimpen bijvoorbeeld in elkaar. Als psychosomatisch fysiotherapeut kijk je naar wat iemands lijf doet en op welk stukje je invloed hebt. Met ontspanningsoefeningen kun je bijvoorbeeld het stress-systeem beïnvloeden. Als je meer rust in je lijf hebt, is er vaak ook meer rust in je hoofd en heb je minder stress. Daarom is bijvoorbeeld yoga zo populair tegenwoordig.

Een voorbeeld

Als je door je enkel gaat heb je veel fysieke klachten. Je enkel wordt dik en je krijgt een fysiologische reactie, en dat heeft een bepaalde hersteltijd. Als je vervolgens rustig een week met je enkel omhoog zit, dan heb je een normaal herstel. Maar het wordt anders als je in een winkel staat en een baas hebt die heel boos wordt omdat je niet komt, en van je verwacht dat je toch gewoon aanwezig bent. Niet alleen belast je dan je enkel, maar bovendien zit er ook veel stress in je lijf. Daardoor maak je bepaalde hormonen aan en herstel je minder snel. Zeker bij chronische klachten speelt dat een grote rol, omdat die klachten niet weggaan en je ermee moet leren leven. Belangrijke vragen zijn dan bijvoorbeeld hoe je omgaat met het feit dat je niet kan fietsen of niet kan werken.

Intake en diagnose

Ik ben fysiotherapeut, dus in de intake doe ik ook lichamelijk onderzoek. Dat is ook om uit te sluiten dat er fysiek iets aan de hand is. Daarnaast hebben we een gesprek en soms vul ik vragenlijsten in, of stuur ik die achteraf op. Mijn onderzoek bestaat ook uit observatie: puur kijken hoe iemand ademt en hoe hij erbij zit. Houding maakt al heel veel uit, bijvoorbeeld als iemand helemaal verkrampt op het puntje van zijn stoel zit. Dat benoem ik. We doen ademhalingsoefeningen op de bank en onderzoeken welke beweging wel lukt en welke niet. Ik maak na afloop geen behandelplan op papier, maar bespreek het. Soms beginnen we ergens en kijken van daaruit verder. Ik vraag wat iemand al weet van PSF en leg uit wat het is.

Behandeling

Ik blijf altijd als fysiotherapeut kijken. Soms komt uit de intake dat er bewegingsbeperkingen zijn die mijn collega manueel therapeut eigenlijk redelijk simpel vrij kan krijgen, waardoor je al heel veel oplost. Blijft iemand bij mij als PSF’er, dan gaan we heel praktisch aan de slag. Ik doe veel oefeningen die mensen ook thuis kunnen doen. Verder werk ik veel met aanraking en bewustwording van je lijf. Op die manier help ik iemand voelen wat er gebeurt in zijn lijf. Soms haal ik dingen uit de yoga, tai’chi, mindfulness of Feldenkrais erbij. Dat is een Duitse techniek waarbij mensen, door heel klein en subtiel te bewegen, meer gaan voelen en meer in contact komen met zichzelf. Soms doen we dingen die mensen raar vinden of die buiten hun comfort zone liggen. We doen heel veel oefeningen waarbij mensen zichzelf aan moeten raken en dat is eigenlijk iets wat mensen nooit doen. Of niet op die manier.

Aanraking en ontkleding

Soms is het nodig dat mensen zich gedeeltelijk ontkleden, vooral als de behandeling meer fysiotherapeutisch is. Anders niet per se. Je kunt hierbij altijd aangeven wat je prettig vindt. Een fysiotherapeut zal nooit vragen of je je volledig wilt ontkleden.

Verschillen tussen behandelaren

Elke PSF’er heeft zijn eigen specialisatie en voorkeur; het is heel therapeutafhankelijk wat ze aanbieden. Dat hangt van hun nascholingen af, maar ook van hen als persoon. Ik heb meer met aanraking; anderen meer met oefeningen. Weer andere collega’s werken meer cognitief met RET of met positieve psychologie. RET pak ik ook nog wel eens mee, de standaard gedachtenschema’s. Dat kan een cliënt ook prima zelf doen, daar zijn genoeg zelfhulpboeken voor. Het is zo’n beetje de lightversie van wat een psycholoog doet.

Samenwerking met een psycholoog

Er zijn vier niveaus waarop psychische aspecten kunnen interfereren met lichamelijke klachten. Niveau 1 is algemene fysiotherapie, op niveau 2 hebben mensen ook last van beperkende gedachten. Niveau 3 zit echt op het niveau van psychosomatiek en niveau 4 is ook psychosomatiek, maar zo zwaar dat het beter is om het multidisciplinair te behandelen, dus met een psycholoog of andere zorgverleners. Ik ken een aantal psychologen waar ik graag mee samenwerk en naar verwijs, omdat ik weet dat ze goed zijn in dit stukje, maar soms komen mensen juist ook via grote instellingen bij mij. Of ze zijn bij Altrecht in behandeling voor het psychische stuk, en dan behandel ik de dingen die erbij komen. Ik bepaal altijd samen met de cliënt wanneer er een psycholoog nodig zou zijn. Je kan iemand niet dwingen, dus als iemand niet wil, baken ik goed af welk stukje ik doe. Het is een lastige lijn tot waar je gaat, maar dat hou ik zelf in de gaten. Soms communiceer ik alleen met de huisarts.

Keuze van een therapeut

Net afgestudeerde PSF’ers hebben de 4-jarige fysiotherapie-opleiding gevolgd op HBO-niveau, en daarna een driejarige master in deeltijd. Eerder was het een post-HBO opleiding. Beide routes leiden tot een BIG-registratie, daar kun je op letten bij het kiezen van aan behandelaar. Let ook op of iemand zichzelf psychosomatisch fysiotherapeut noemt, of alleen psychosomatisch werkt. Iemand met een BIG-registratie moet zijn punten blijven halen met aanvullende opleidingen. Ik heb mijn theoretische basis wel echt van de opleiding, maar ik denk dat ik uit die cursussen nog meer haal qua praktische vaardigheden.

Mijn advies aan mensen is om altijd goed op de website te kijken en naar de foto van de therapeut, of ze denken dat het een goede match is. Vraag jezelf af wat je nodig hebt en of deze persoon dat kan aanbieden. Fysiotherapie is op fysiek vlak intiemer dan psychologie, en als het niet goed voelt voelt het niet goed. Dan moet je het niet doen. Soms zeg ik zelf ook tegen mensen dat ze hier niet goed zitten. Het grootste behandeleffect is de relatie die je hebt tussen patiënt en therapeut, en als die niet goed is dan kom je er niet. Dat doet niks af aan de therapeut of aan jou als persoon. Het is belangrijk om je dat als patiënt ook te realiseren en te mogen zeggen.

Vergoeding

PSF valt onder de vergoeding van fysiotherapie. Mensen kunnen zich daarvoor verzekeren met een aanvullende verzekering. Als ze niet aanvullend verzekerd zijn, of als de vergoeding op is voor dat jaar, kunnen ze wel gewoon komen maar dan betalen ze zelf.

Behandelduur

De behandelduur wisselt enorm. Soms komt iemand maar een paar keer, bijvoorbeeld bij hyperventilatie, angst of stress, en heeft dan al zoveel uitleg of tools dat hij weer vooruit kan. Soms duurt een behandeltraject langer. Met burn-out of overspannenheid is het al snel een jaar, waarbij je in het eerste deel intensiever aan het behandelen bent en daarna steeds minder vaak een afspraak plant. Ik besteed ook veel aandacht aan terugvalpreventie. Liever dat iemand na een paar maanden nog eens terugkomt dan dat de klachten terugkomen en je ‘opnieuw’ kunt beginnen. De gemiddelde behandelduur is denk ik tussen de 3 en 6 maanden.

 

Marjet Berkenbosch is praktijkeigenaar en psychosomatisch fysiotherapeut bij Fysiotherapie Praktijk Wittevrouwen in Utrecht: www.praktijk-wittevrouwen.nl. De praktijk bestaat in 2019 35 jaar. Om dit te vieren zijn er dit jaar allerlei interessante workshops op het gebied van gezondheid en bewegen. Kijk op de website!


verbinding-gezocht-klein.jpg
15/sep/2019

Cecile den Herder werkt sinds 2009 als zelfstandig GZ-haptotherapeut in de eerste lijn. Ze begon haar carrière als taalkundige, maar schoolde zich om: ‘Mijn loopbaan is een mooie afspiegeling van mijn eigen ontwikkeling van “snelle denker” tot “voeler”: gevoel heeft een steeds grotere plek in mijn werk en leven gekregen.’ In dit interview vertelt Cecile over een aantal onderwerpen waar haptotherapie zich mee bezig houdt, en over de basisprincipes. Meer weten over wat je concreet kunt verwachten tijdens de behandeling? Ze vertelt het hier. Ook vind je meer informatie op de website van de Vereniging voor Haptotherapeuten.

Definitie van haptotherapie volgens de Vereniging voor Haptotherapeuten:

De haptotherapie gaat uit van het gegeven, dat het lichaam de drager is van gevoelens en een geheugen heeft voor positieve en negatieve gevoelservaringen. Deze gevoelservaringen zijn terug te vinden in bewegingspatronen, spanningen in het lichaam, remmingen in de gevoelsbewegingen, het ontstaan van voorkeurshoudingen- en bewegingen, en in de wijze van het aangaan van contacten.

De haptotherapeut is erop gericht om de cliënt zich hiervan bewust te laten zijn en deze aan te spreken op zijn / haar eigen vermogens om los te laten, te kiezen en te veranderen. Hoe meer gedrag voortkomt uit zelfbewustzijn, hoe makkelijker we bewegen, hoe belastbaarder en vitaler we zijn. Emotionele en fysieke blokkeringen kunnen loskomen, herkend worden en verwerkt.

De basis van haptotherapie: voelen of het oké is

Kinderen kunnen al voelen als ze in de buik zitten, en ze worden voelend geboren. De tweedeling die ze maken is behagen tegenover onbehagen. Een baby die zich behaaglijk voelt, voelt zich oké: hij heeft het warm genoeg, weet dat mama lekker in de buurt is en heeft geen honger. Pak je zo’n baby op, dan heb je een soepel lijfje dat zich voegt naar jou. Een baby die zich onbehaaglijk voelt, voelt zich niet oké. Hij heeft het koud, voelt zich alleen of heeft honger. Als je hem oppakt, heb je een ander lijfje in je armen. Het gaat zich strekken en voegt zich niet. En dan ga je zoeken, net zolang tot je het weer voor elkaar hebt dat dat lijfje zich ontspant. Bij oudere kinderen en volwassenen vertaalt die tweedeling zich naar een heel basaal “ja, dit is oké, daar wil ik op af, dit is fijn”, tegenover “nee, dat wil ik niet”. Soms zijn dat dingen die moeten in het leven. Voelen en doen zijn dan niet altijd gesynchroniseerd. En dat is helemaal niet erg, maar als je te veel gaat doen wat moet of wat je vindt dat moet, dan komt dat voelen in de knel. En dat is waar mensen in haptotherapie mee komen: “Ik denk wel vanalles en ik doe wel vanalles, maar ik weet eigenlijk helemaal niet meer wat ik voel”.

Het begin van voelen

Het basisidee is dat de gevoelsbeweging begint met een beweging naar binnen, die je bij jezelf kan voelen. Ik geef in de behandeling uitleg over basisemoties. Ik heb hier bijvoorbeeld ballen liggen met de verschillende emoties erop zodat mensen zelf kunnen gaan kijken wat past bij hun emotie. Maar het is ook: verkennen het moment waarop het gevoel opduikt hier in de sessie zegt vaak ook wel wat. Als wij een oefening doen met grenzen, is de kans groot dat je op een gegeven moment grenzen ervaart. Of wat het grensbereik is. Heeft het iets te maken met angst of met boosheid? Het liefst heb ik dat de woorden van de persoon zelf komen, want het woord dat de cliënt aan de emotie koppelt, dat is hem! Alles wat ik aandraag zijn mijn woorden.

De rol van de ander

Vanuit dit voelen, kun je uitreiken naar de ander. Wat veel gebeurt is dat we vanuit het hoofd en het denken uitreiken, dat is vaak ook wel waar mensen voor komen. Op dit manier contact maken levert weer andere problemen op, bijvoorbeeld rondom seksualiteit. Ik zeg ook altijd: het bekken is de basis, daar waar je gedragen wordt als kind. Dat is je huis, de begane grond, de fundering. Als je zelf niet thuis bent, omdat je niet helemaal in je lijf zit, is het een beetje lastig ontvangen. Je moet door de voordeur naar buiten om contact te maken met de wereld om je heen. Als je alsmaar op zolder zit te kijken naar wat er allemaal gebeurt, heb je een heel andere manier van contact.

Openen en sluiten is een ander fenomeen waar het in de haptotherapie veel over gaat. Als het je goed doet om in contact te zijn dan open je, dan verzacht je. En als het niet goed voelt dan sluit je. Beiden moeten goed functioneren om goed voor jezelf te kunnen zorgen. Als je alsmaar opent dan heeft dat iets grenzeloos, dat is niet handig. Dan kan ook alles naar binnen komen; je voordeur staat alsmaar open.

In beweging komen

Sommige therapeuten hebben op hun website staan dat haptotherapie zo ongeveer overal tegen werkt, als een soort Haarlemmerolie. Daar ben ik echt een beetje allergisch voor, zo simpel is het niet, dat kan niet. Dat is niet mijn uithangbordje. “In beweging komen”, dat is mijn uithangbordje. In emotionele en fysieke zin, dat gaat ook vaak samen.

Een goed voorbeeld is hoofdpijn. Hoofdpijn kan verdwijnen met haptotherapie, maar dat hangt van het type hoofdpijn af. Als iemand zegt “het is mijn zwakke plek” dan zeg ik “nee, het is je signaalplek”. De kunst in de therapie is: ga nou eens ontdekken wanneer je hoofdpijn krijgt. Kun je het voelen aankomen? Zijn er triggers? Ga dan eens onderzoeken waarom dat jouw triggers zijn. Het hangt ervan af wat iemand wil en waar iemand toe bereid is. Als je verdieping wil zoeken en echt wil leren kennen waar de klacht om gaat, dan heb je iets meer kans dat het ook verdwijnt. Maar niet altijd. Soms is het ook: deze hoofdpijn hoort er gewoon bij, maar hij kan een andere plek krijgen.

Wetenschappelijke basis van haptotherapie

De beroepsgroep is bezig met het wetenschappelijk onderbouwen van de therapievorm. Er wordt steeds meer onderzoek gedaan, bijvoorbeeld naar zwangerschapsbegeleiding en angst voor de bevalling. En er is een onderzoek over affectieve aanraking en cardiologische ingrepen, bij de VU. Dat is nog in het aanvraagstadium. Maar er is steeds meer aandacht voor. We realiseren ons steeds meer als vak dat we dat moeten doen. En dat is goed. Daar is vanalles gaande.

Vooroordelen over haptotherapie

Wat ik jammer vind is dat het soms wordt gedacht dat haptotherapie iets heel vaags is met voelen. Terwijl ik denk: als er iets niet vaag is, is het voelen! Je kunt bijvoorbeeld heel gemakkelijk een kamer binnenkomen en voelen: oh jee, hier is het niet oké. Dat kunnen we allemaal! Goed kunnen voelen is goed voor jezelf kunnen zorgen en van daaruit ook weer voor anderen zorgen, in die zin is het juist heel basaal.

Cecile den Herder houdt praktijk in Gezondheidscentrum Dalplein in Soest. Meer weten over haar, haar praktijk en haar werkwijze? https://www.haptonomiesoest.nl/


haptotherapie.jpg
15/sep/2019

Cecile den Herder werkt sinds 2009 als zelfstandig GZ-haptotherapeut in de eerste lijn. Ze begon haar carrière als taalkundige, maar schoolde zich om: ‘Mijn loopbaan is een mooie afspiegeling van mijn eigen ontwikkeling van “snelle denker” tot “voeler”: gevoel heeft een steeds grotere plek in mijn werk en leven gekregen.’ In dit interview vertelt Cecile over haar vak, met name toegespitst op de haptotherapeutische behandeling van psychische klachten. Wil je meer voorbeelden of ben je benieuwd naar de basisprincipes van haptotherapie? Hier vertelt ze er meer over. Ook vind je meer informatie op de website van de Vereniging voor Haptotherapeuten.

De kern van haptotherapie

Haptotherapie is voortgekomen vanuit de fysiotherapie. Een haptotherapeut zet mensen weer meer stil bij wat ze voelen, bij emoties in hun lijf. Elke emotie heeft ook een fysieke component. Mensen die bij een haptotherapeut komen, kunnen heel veel snappen en weten, maar toch nog weinig voelen. Of ze voelen vanalles maar ze snappen niet zo goed wat het eigenlijk is. Dat vergt verkennen en gaan benoemen. De haptotherapeut brengt zijn eigen gevoelens in die zich voordoen tijdens de sessies. Het lichaam is als een klankkast en die ken ik van mezelf heel goed. Dus die kan ik gebruiken.

De behandeling

In de haptotherapie zijn er drie onderdelen:

  1. het gesprek

In het gesprek zet ik mensen heel vaak stil en maak ik ze bewust van wat ze voelen. Samen zoek je naar koppelingen tussen wat iemand zegt en voelt. Bijvoorbeeld dat iemand zich ervan bewust wordt dat hij net gepraat heeft over het laatste bezoek van zijn moeder, en een kloppend hart krijgt. Hij krijgt het letterlijk benauwd van dat mens. Dan verken je die benauwdheid. Soms gebruik ik ook observaties. Dan zie ik dat iemand zijn vuisten gebald heeft en vraag ik: “Zou het kunnen dat je boos bent? Voel eens naar je handen?”. Soms klopt het, soms is het iets anders. Het liefst heb ik dat de cliënt zelf het juiste woord aandraagt dat klopt met het gevoel. Dát is hem!

  1. aanraking op de bank

In haptotherapie maak je gebruik van bevestigende, affectieve aanraking, bedoeld om te voelen. De haptobank heeft een zacht matras, niet zoals een fysiobank. De aanraking trekt de aandacht naar delen van het lijf waar je een beetje “uit” bent, bijvoorbeeld omdat je er pijn aan hebt. Aanraking maakt dat mensen kunnen verzachten en dat ze meer in hun lijf kunnen komen. Het doet ze goed. Het uitgangspunt is dat alles wat we hebben meegemaakt in ons leven, van geboorte tot waar we nu zijn, zijn sporen heeft nagelaten in ons lijf. Het lijf heeft dat ook allemaal meegemaakt. En als je je lijf meer gaat aanvoelen, gaat het ook meer praten.

Als iemand in zijn ondergoed op de bank wil, kan ik het dichtstbij komen. Aanraking op de bank kan heel veel opleveren. Maar wil die persoon dat niet, dan kan het zijn dat het geen deel uitmaakt van de haptotherapeutische behandeling. Of hij laat er een laagje kleding tussen. Ik ben daarin niet zo directief. Het is belangrijk dat het veilig is. Het gaat er uiteindelijk om dat je gaat voelen wat voor jou goed is. Dus als je kan voelen dat aanraking voor jou niet goed is en je geeft dat aan, dan zorg je goed voor jezelf.

  1. ervaringsoefeningen

Ervaringsoefeningen doe je in de ruimte of met materialen. Je maakt dan andere gevoelservaringen. Bijvoorbeeld met zo’n wiebeltol van de fysio, met ballen of met het letterlijk trekken van grenzen, met een stuk touw. Je staat dan bijvoorbeeld stil bij hoe je omgaat met opdrachten: doe je meteen wat iemand zegt, of voel je eerst wat je zelf wil? Is controle voor jou belangrijk? Neem je veel ruimte in of weinig? Hoe voelt het als iemand naar je grens toe komt? Wat gebeurt er als je de grens – letterlijk – verlegt en wat roept dat op bij de ander? Uit deze oefeningen komen basispatronen. Die zijn niet altijd leuk, maar wel heel bevestigend, erkennend. Mijn kamer is een veilige ruimte waarin mensen mogen spelen en oefenen. Ze hebben vrijheid van bewegen.

fotografie: van Mameren

Haptotherapie bij psychische klachten

Haptotherapie kan bijvoorbeeld helpen bij overspannenheid, burn-out of fysieke klachten met een psychische component, zoals buikkramp, spierspanning of hoofdpijn. Thematisch gaat vaak om rouw, niet zozeer letterlijk maar het verlies van iets. Er is bijna altijd iets waar om gerouwd moet worden waar destijds niet om gerouwd is, en wat zich in een latere levensfase openbaart. Ook zie ik veel mensen die net een periode van overleven hebben doorgemaakt.

Haptotherapie en psychologie

Er zijn psychiatrische beelden waar soms haptotherapie wel ondersteunend kan zijn, maar waarbij ook absoluut een psychotherapeut nodig is. Bijvoorbeeld traumaverwerking. Ik werk graag samen met psychologen. Vaak zijn er al dingen aangetikt in de gesprekken bij de psycholoog; die heeft iemand al bij zich als hij bij mij komt. Dat lijf heeft dat immers ook meegemaakt. Dan kun je er gewoon op door.

Crisisgevoelige problematiek is misschien minder op zijn plek. Bij een haptotherapeut kom je een keer in de twee drie weken, maar we hebben geen crisisdienst, we zijn wel gewoon éénpitters, dan moet je weten waar het ophoudt.

De samenwerkingen die ik heb met psychologen zijn zo gegroeid. Ik werk nu 10 jaar. Je moet ontdekken wie de psychologen zijn met wie je lekker en prettig samenwerkt, met wie je dezelfde taal spreekt. En samenwerking ontstaat vaak ook spontaan omdat iemand al bij een psycholoog loopt. Hier in het gezondheidscentrum lopen meerdere psychologen en psychotherapeuten rond, dat is een luxe, dan leer je elkaar veel sneller kennen.

Intake en diagnostiek

De intake begint met een gesprek, ik vraag veel informatie. Interessanter is echter wat er gebeurt op de bank, daar wordt het veel duidelijker: “is iemand er nou echt, of ligt hij nog steeds alleen te praten?”.

Ik stel geen DSM-diagnose, hoewel die er soms wel is als ik samenwerk met een psychotherapeut. Wij stellen haptotherapeutische diagnoses. Die zijn meer beschrijvend, gericht op hoe iemand omgaat met fenomenen waar we in de haptotherapie mee werken.

Behandeling

De behandeling bestaat uit de componenten die hierboven zijn beschreven. Het is verschillend hoe lang het duurt. Soms komen mensen maar vijf á zes keer. Mensen met overspannenheidsklachten volgen vaak een wat langer traject, een half jaar tot een jaar. En ik heb altijd een paar mensen die langer lopen en dan vaak ook een psychotherapeut naast zich hebben. En dan zijn er nog een aantal mensen die veel baat hebben om gewoon eens in de zoveel tijd dat lijf te komen voelen, omdat ze zoveel last hebben van dat lijf, zoveel pijn, reuma, ingrepen, dat het bijna een soort onderhoud wordt. Maar het is bijna allemaal wel met een kop en een staart.

Tips bij het zoeken van een haptotherapeut

Een goede tip is om te letten op iemands registraties. Een GZ-haptotherapeut staat in het register van de Vereniging van Haptotherapeuten, op https://haptotherapeuten-vvh.nl/. Deze heeft een vierjarige post-HBO opleiding gevolgd. De HBO-opleiding die iemand daarvoor heeft gedaan, kan vanalles zijn. Een haptotherapeut heeft zijn oorspronkelijke vak verlaten, in veel gevallen fysiotherapie of oefentherapie, maar tegenwoordig zijn er ook psychologen, coaches en andere mensen die uit andere vakken komen. Die moeten wel een voortraject doen. Het is een langdurig traject en je moet vol aan de bak met jezelf.

Er zijn altijd verschillen tussen behandelaren, bijvoorbeeld door de nascholingen die ze hebben gevolgd, maar in grote lijnen zal de benadering van haptotherapeuten met de GZ-registratie op elkaar lijken.

Kijk even goed wanneer mensen zichzelf haptonoom noemen. De haptonomie is de leer en je hebt ook cursussen haptonomie voor bijvoorbeeld fysiotherapeuten. Die mogen zichzelf dus haptonoom noemen. Maar dan ben je geen haptotherapeut.

Verder adviseer ik mensen altijd om tijdens de intake, maar ook daarna, goed te voelen hoe het voor je is met deze persoon. Voel op het moment, en als dat niet lukt, voel dan na afloop: is het een ja of een nee. En kom zo eerlijk mogelijk terug. Dat is een van de dingen die ik heb geleerd. De therapeutische relatie, daar gebeurt alles. En als je daar niet mee werkt, dan mis je een deel.

Cecile den Herder houdt praktijk in Gezondheidscentrum Dalplein in Soest. Meer weten over haar, haar praktijk en haar werkwijze? https://www.haptonomiesoest.nl/


marianne-smit-klein.jpg
06/sep/2019

Marianne Smit heeft sinds ruim tien jaar een praktijk voor klassieke homeopathie in Utrecht, waar zij een breed scala aan psychische en lichamelijke klachten behandelt. Het leukste? ‘De verhalen die mensen vertellen, het vertrouwen dat ze geven en dat ik echt iets voor hen kan doen. En ik vind het puzzelen wat het best passende middel is ook heel leuk. Het is een soort sudoku: het moet vierkant kloppen.’

Diagnostiek en behandeling in de homeopathie

Het beeld

Ik maak een beeld van de persoon die voor mij zit, de klachten en de situatie. Dat doe ik door zo goed mogelijk te luisteren. Ik heb geen vragenlijsten, maar ik heb wel onderwerpen in mijn achterhoofd die ik wil uitvragen. Ik zoek niet zozeer naar oorzaak-gevolg, maar naar een zo feitelijk mogelijk beeld van iemands fysieke en mentale reactiepatronen. Ook die waar mensen zich niet bewust van zijn. Dat beeld moet ik zien te koppelen aan een geneesmiddel. Hoe specifieker ik het beeld heb, hoe dichter ik op het juiste middel zit, en hoe zekerder ik ben van een goed resultaat.

Keuze van het middel

Er zijn duizenden middelen en er komen ook steeds nieuwe middelen bij. Het ene zit meer op het emotionele, het andere meer op het fysieke. Met de tweehonderd belangrijkste kun je bijna iedereen behandelen. Ik werk met granules en globuli. Dit zijn kleine, zoet smakende korrels die je in je mond laat smelten. Homeopathische middelen zijn mild en hebben nauwelijks tot geen bijwerkingen.

De genezing komt uit het eigen systeem

Het 100% passende middel noem je het similium, daarmee zie je ook wel heel spectaculaire resultaten. Maar het is als een prisma, een regenboog. Je hoeft niet altijd het similium te hebben. Als je een middel hebt dat 80% aanpakt van wat die persoon nodig heeft, dan heeft hij er vaak ook al genoeg aan. Daarom is het ook niet zo erg als de ene homeopaat op een ander middel uitkomt dan de andere. Want de genezing komt niet uit de korrel, die komt uit het feit dat iemands eigen afweer en veerkracht wordt geactiveerd. Dus als dat maar eenmaal aan de gang is, dan lossen problemen  van daaruit op.

Behandelverloop

Sommige mensen komen een paar keer, anderen komen jarenlang af en toe terug. Het hangt ervan af hoe diep de klacht in het systeem zit. De behandeling is klaar als de patiënt tevreden is. Er zijn mensen die nog steeds eczeem hebben, maar het is een stuk minder en daar zijn ze tevreden over. Vaak moet het middel een paar keer ingenomen worden.

De kernprincipes van homeopathie

Genezend met het gelijkende

Het kernprincipe van homeopathie is “genezend met het gelijkende”. Homeopathie gaat ervan uit dat een symptoom erop wijst dat de dynamus, de vitale kracht, uit balans is. Het middel geeft een prikkel aan de vitale kracht, een impuls om de balans die verdwenen was te herstellen. De dynamus is de levenskracht, de basis. Het omvat alle niveaus: het fysieke, het mentale, het emotionele en het spirituele. Homeopathie werkt holistisch. De genezing vindt dus ook op het niveau van de dynamus plaats.

Klachten als symptoom van disbalans

Deze manier van genezing is duurzamer dan alleen symptoombehandeling. Dat is ook altijd wat ik mensen wil meegeven: geef het wat tijd. Je lichaam maakt klachten als symptoom. Als je het symptoom weghaalt, bijvoorbeeld met paracetamol, en het probleem is niet opgelost, dan zal je lichaam een nieuw symptoom maken. Dat kan schadelijker zijn. Het organisme wil overleven, dus het geeft eerst het minst schadelijke signaal af als er een disbalans is. Op het moment dat je dat gaat wegfilteren of blokkeren moet er een andere weg gezocht worden.

Psychische klachten homeopathisch behandelen

 Soorten psychische klachten

In principe kun je heel veel klachten homeopathisch behandelen: vermoeidheid, verlegenheid, angsten, woede-aanvallen, verdriet, rouw, relatieproblemen, gedragsproblemen bij kinderen, slaapproblemen…  Als het echt te heftig wordt dan verwijs ik door, of zorg ik dat ik weet dat iemand ook elders wordt behandeld. Ik ben geen psycholoog of psychiater, je moet wel je grenzen weten daarin. Ik geef bijvoorbeeld geen gedragstherapie.

Verschillen met psychologische behandeling

Het kan gebeuren dat in mijn praktijk mensen komen die niet naar een psycholoog willen of durven, en die ik help die stap te nemen. Ik heb ook wel eens iemand gehad die al tien keer bij een psycholoog heeft gezeten en dan één keer hier, en dan wordt het plaatje helder. Dan zal die tien keer daar ook wel aan bijgedragen heb, maar ik doe het toch wel anders. Ik kijk heel erg naar waar de zwaarte zit. Als ik iemands levensverhaal uitvraag dan is het toch een beetje op gevoel: waar zie je dat er iets gebeurt met iemand? Daar vraag ik op door. Waar geen lading op zit, laat ik liggen en ik heb ook niet altijd alle details nodig. Ik denk dat dat een verschil is met psychologische behandelingen. Soms heb ik er vraagtekens bij of er door psychologen niet te veel wordt opgerakeld uit het verleden. Stel dat iemand een geheim heeft waar hij niet over wil praten. Als ik maar weet dat er een geheim is, dan is dat voor mij genoeg. Dan moet ik een middel hebben voor iemand die een geheim heeft waar hij niet over wil praten. En ik hoef niet te weten wat dat geheim is. Mensen moeten zich vertrouwd voelen en hebben daar hun eigen tempo in. Ik zie het als als het afpellen van een ui. Je kan een laag oplossen; als er dan nog wat anders is, dan komt dat wel weer tevoorschijn.

Aanvulling op psychologische behandeling

Homeopathie kan een psychologische behandeling ook op een andere manier ondersteunen. Het kan de lichamelijke klachten aanpakken,  waardoor de patiënt veel meer uit zijn psychologische behandeling kan halen. Of mensen kunnen ervoor kiezen om toch alvast iets te doen als ze lang op een wachtlijst moeten staan. Ik denk dat het redelijk onbekend is dat je ook met psychische klachten naar een homeopaat kan. Klachten zoals een depressie kunnen er niet erger door worden. Stel dat je ernaast zit met het middel, dan resoneert het niet. Als het jouw middel niet is dan gebeurt er niks.

Homeopathische middelen van de drogist

De drogist verkoopt zelfzorgmiddelen, die behandelen de grootste gemene deler. Bij maagklachten bijvoorbeeld voegt men de middelen samen die het grootste effect hebben bij de meest voorkomende maagklachten  Als jouw middel ertussen zit kan het een goede oplossing bieden. Bij klassieke homeopathie geef je één middel, specifiek voor die persoon met die unieke klachten. Zelfzorgmiddelen zijn lagere potenties, dus daar kun je heel goed mee beginnen. Maar als het na een week of twee helemaal geen effect heeft dan moet je stoppen, anders geef je iedere keer de verkeerde prikkel.

Verhouding tot wetenschap en reguliere geneeskunde

Ik vind het in de eerste plaats jammer dat vaak wordt gezegd dat homeopathie niet wetenschappelijk is, en het klopt ook niet helemaal. Er is wel heel veel wetenschappelijk onderzoek gedaan en dat wordt ook nog steeds gedaan. Bijvoorbeeld met hooikoorts is er veel wetenschappelijk onderbouwd over de werkzaamheid.

Principe van verdunning

Het punt is dat het principe nog niet is verklaard, en daar wordt het onwetenschappelijk gevonden. In het reguliere veld kunnen ze zich niet voorstellen dat een gedynamiseerde verdunning, wat een homeopathisch middel  is, iets kan doen. Als je niets stoffelijks terug kan vinden, dan kan het niet werken in hun ogen. Terwijl er bijvoorbeeld veel bekend is en nog steeds ontdekt wordt over het geheugen van water.

Combinatie met reguliere geneeskunde

Gelukkig zijn er veel regulier werkenden die wel voor openstaan voor homeopathie. In ziekenhuizen wordt ook steeds meer met acupunctuur en homeopathie gewerkt. Ik ben wat dat betreft ook wel een gematigde homeopaat, ik sta heel dicht bij het reguliere, en vind het belangrijk om samen te werken. Laten we gewoon elkaar aanvullen.

Homeopathie en reguliere medicijnen

Volwassenen hebben soms al veel medicijnen moeten gebruiken in hun leven, dat kan het wel lastiger maken om het beeld tevoorschijn te halen. Sommige vrouwen met menstruatieklachten weten bijvoorbeeld niet meer hoe hun menstruatie was voordat ze aan de pil gingen, dat beeld is ook belangrijk is als je klachten hebt. En elk medicijn heeft bijwerkingen. Daardoor weet je niet altijd of een reactie nou de bijwerking van een medicijn is of bij de klachten hoort. Als mensen aan de antidepressiva zitten dan heeft dat ook weer allerlei bijwerkingen, dat vertroebelt het beeld.

Behandeling van kinderen

Je kunt kinderen prima homeopathisch behandelen. Het werkt precies hetzelfde als bij volwassenen. Alleen moet je bij kinderen, vooral als ze wat kleiner zijn en nog niet goed kunnen praten, veel observeren en op andere manieren informatie halen. Maar het kan ook heel goed. Ze reageren sneller, omdat ze in tegenstelling tot volwassenen nog over een enorme groeikracht beschikken en meestal niet  beïnvloed zijn door medicijnen.

Keuze van een homeopaat

Opleiding

Homeopathen volgen een opleiding voor klassieke homeopathie, en een medische basisopleiding. Het is een opleiding op HBO-niveau. Homeopathisch artsen zijn artsen die aanvullend de homeopathie-opleiding doen. De meeste zijn dan overgestapt, ze zijn geen praktiserend arts meer. Ze hebben gezien dat ze met homeopathie beter uit de voeren kunnen.

Aansluiting bij een beroepsvereniging

Patiënten kunnen erop letten dat iemand is aangesloten bij een beroepsvereniging, die NVKH bijvoorbeeld, maar er zijn er meer.

Alternatieve en reguliere geneeskunde: eigenlijk zou het andersom moeten zijn

Er wordt weleens gesproken over de alternatieve geneeswijzen. Eigenlijk zou het andersom moeten zijn, omdat medicijnen allemaal bijwerkingen hebben. Bij een acuut hartprobleem heb je natuurlijk geen tijd om te kiezen, maar als je die tijd wel hebt, zegt ik: probeer eerst op de alternatieve manier of je beter kunt worden. Dat is veel duurzamer; het is een investering in je algemene gezondheid. Mensen willen heel snel hè. Sommigen komen hier en willen dan een korrel, waarmee het de volgende dag of de volgende week allemaal over moet zijn. Ook klachten die al maanden aan het ontstaan zijn. Steek er een beetje tijd in. Ook met fysieke problemen geldt: als het alternatief niet lukt, dan kun je altijd nog voor een regulier medicijn gaan. Maar misschien heb je het niet nodig en dan heb je ook de bijwerkingen niet. Uiteindelijk ben je dan beter af.

Tegenwoordig wordt er overigens steeds vaker over complementaire geneeswijzen of integratieve geneeskunde gesproken, in plaats van alternatieve geneeswijzen. Ik ben daar groot voorstander van omdat het de intentie weergeeft van het samen zoeken naar mogelijkheden voor genezing.

 

De praktijk van Marianne heet Homeopathie voor jou en is gevestigd in Gezondheidscentrum Utrecht-Oost,  Bloemstraat 65e. www.homeopathievoorjou.nl


© Psychologie Vandaag, kenniscentrum en online therapie 2018. Alle rechten voorbehouden.