ADHD: wel of geen medicatie?

29 januari 2020 by Linda Mulders
adhd-medicatie.jpg

Bij de behandeling van ADHD wordt snel gedacht aan medicatie. In de praktijk kom ik veel ouders en kinderen tegen die daar bedenkingen bij hebben. Gedeeltelijk terecht, zoals we hieronder zullen zien. Maar hoe maak je nou een afgewogen keuze voor jezelf of je kind? En als je niet kiest voor medicatie, wat zijn dan je behandelopties? De informatie in dit artikel kan geen medisch advies vervangen van een arts die jou of jullie kent, maar helpt je op weg om het gesprek te voeren of keuzes te maken.

Wat is ADHD-medicatie?

Bij ADHD-medicatie voor kinderen hebben we het meestal over een vorm van methylfenidaat. Dit is de naam van de stof. Methylfenidaat is op de markt onder verschillende merknamen, zoals Concerta, Equasym, Kinecteen, Medikinet, Methylfenidaat en Ritalin. Tweede keuze is dexamfetamine (stofnaam), op de markt onder de naam Amfexa of Dexamfetamine FNA. De reden waarom dit medicijn tweede keuze is, is omdat er minder onderzoek naar is gedaan bij kinderen. Op de website van Apotheek.nl lees je meer over de verschillende medicatiesoorten. Op zoek naar een meer medisch-technische uitleg? Bekijk de website van het Farmacotherapeutisch Kompas.

Methylfenidaat en dexamfetamine zijn stimulerende middelen. Ze vallen in dezelfde klasse als de drug amfetamine. Ze worden voorgeschreven op basis van het idee dat het brein van kinderen met ADHD te ongeconcentreerd is, waardoor ze dromerig óf juist druk worden. Vergelijk het met koffie bij volwassenen: het neemt gevoelens van slaperigheid weg en maakt je gefocust. Je hart gaat wat sneller kloppen, je bloeddruk stijgt en je bent alerter. ADHD-medicatie werkt hetzelfde.

Voor volwassenen worden ook vaak stimulerende middelen voorgeschreven, maar meer verschillende. Kijk eens in de richtlijn van de NVvP welke het zijn. Daarnaast zijn er een tweetal niet-stimulerende middelen: atomoxetine en bupropion.

Ongeveer 75% van de kinderen en volwassenen met ADHD heeft baat bij stimulerende medicatie. Bij ongeveer 60% werkt methylfenidaat. Het is dus zeker geen oplossing voor iedereen.

Wat is het officiële advies?

De richtlijn van het Nederlands Jeugd Instituut en het Farmacotherapeutisch Kompas zeggen hetzelfde: liever geen medicatie als eerste behandelvorm. Er zijn goede pedagogische en psychologische behandelvormen die veel opleveren en geen bijwerkingen hebben. Bovendien is het resultaat duurzamer. Medicatie lost immers niks op: als het pilletje is uitgewerkt, is het probleem nog steeds hetzelfde. De persoon heeft niet geleerd ermee om te gaan. Het Nederlands Jeugd Instituut zegt daarom: medicatie in principe alleen bij ernstige vormen van ADHD. Het gaat dan om kinderen die zoveel last hebben van hun ADHD, dat ze niks aan een psychologische interventie hebben. Ze pikken er simpelweg niets van op. Tegelijkertijd lijden ze in hun dagelijks leven, in die zin dat ze meestal forse problemen hebben op school en in de omgang met leeftijdsgenoten. Het Farmacotherapeutisch Kompas zegt hetzelfde: alleen als niet-medicamenteuze behandeling onvoldoende verbetering oplevert, kan ter ondersteuning medicatie worden overwogen.

Ook voor volwassenen is het advies medicatie niet losstaand te gebruiken, maar alleen als onderdeel van een uitgebreid behandelprogramma gericht op psychologische, gedragsmatige en educatieve of beroepsmatige problemen.

Voor zowel kinderen als volwassenen geldt dat de behandeling moet plaatsvinden onder toezicht van een gespecialiseerde arts op het gebied van gedragsstoornissen bij kinderen, adolescenten of volwassenen. Daarmee wordt een psychiater bedoeld. Het voorschrijven van ADHD-medicatie door de huisarts wordt afgeraden. Pas als iemand langdurig stabiel is ingesteld op medicatie en de therapie is afgerond, kun je denken aan overdracht naar de huisarts. Waarbij het belangrijk is dat deze daadwerkelijk vinger aan de pols houdt hoe het gaat en op tijd vraagt om een herbeoordeling door een specialist.

Voor- en nadelen

Onderstaande lijst is samengesteld uit bovengenoemde richtlijnen en het handboek van Carr (2006).

Er is in feite één groot voordeel aan ADHD-medicatie:

  • Kinderen en volwassenen met ernstige ADHD kunnen heel snel een flinke vermindering van de kernsymptomen van ADHD ervaren (impulsiviteit, hyperactiviteit en aandachtstekort). Ik ken gezinnen waarin deze verlichting nodig was en niet op een andere manier bereikt kon worden. Soms was alles al geprobeerd. De medicatie gaf rust en maakte dat het kind weer aan zijn ontwikkelingstaken toe kwam. Dit kan ook voor volwassenen zo zijn.

Nadelen zijn er ook. Uiteraard zijn ze niet allemaal op iedereen van toepassing. Maar neem vooral het volgende in overweging:

  • Alle medicijnen hebben bijwerkingen. Dit geldt zeker voor medicatie die voor ADHD wordt gegeven: dit zijn geen lichte medicijnen en veel kinderen en volwassenen hebben een of meerdere bijwerkingen. Kijk maar eens in de informatie op Apotheek.nl en het Farmacotherapeutisch Kompas wat dit kan zijn.
  • Je moet er steeds aan denken. Juist voor mensen met ADHD is dit lastig.
  • Bij volwassenen is er een risico op misbruik of verslaving. Voor kinderen wordt dit in onderzoek niet teruggevonden. Ook komt uit onderzoek niet naar voren dat kinderen op deze manier leren om problemen met een pil op te lossen.
  • Volwassenen kunnen er agressiever van worden. Kinderen kunnen er tics door ontwikkelen. Sommige mensen rapporteren dat ze nerveuzer of angstiger worden.
  • Zodra je de medicatie niet meer gebruikt, is het effect weg.
  • Volwassenen kunnen het niet gebruiken tijdens zwangerschap of borstvoeding.
  • De gevolgen voor veiligheid en werkzaamheid op de lange termijn zijn onvolledig bekend.
  • Er zijn aanwijzingen voor een verhoogde kans op hartproblemen, maar dit komt niet eenduidig uit de onderzoeken naar voren.
  • Zowel kinderen als volwassenen geven soms aan zich niet zichzelf te voelen tijdens het gebruik.

De metafoor van de berg en de helikopter

Onlangs las ik een mooie metafoor (Stolp, 2010, p. 62). Daarin wordt de ervaring die middelen met zich meebrengt, vergeleken met een helikopter die je huurt om je op de top van een van de hoogste bergen ter aarde te laten afzetten. Je komt er snel, hoeft geen inspanning te verrichten en kunt toch genieten van het prachtige uitzicht op de top van de berg.

Als je niet de helikopter neemt, maar stap voor stap de berg beklimt, kies je voor een moeilijkere weg. Je hebt te maken met risico’s, zware inspanningen, gewichtsverlies, een zorgvuldige planning van hoe je het best de top kunt bereiken, enzovoort. Je zou deze bergbeklimming kunnen vergelijken met de andere behandelvormen voor ADHD: ze kosten heel wat meer energie, je moet er meer tijd en geld voor overhebben, je wanhoopt weleens of het werkt en zal lukken.

Maar de bergbeklimmer die de top bereikt, heeft op die moeizame toch wél iets heel bijzonders veroverd. Dit houdt hij zijn hele leven. Hij wint doorzettingsvermogen, de diepe vreugde dat het gelukt is, en daarom een gegroeid zelfvertrouwen. De bergbeklimmer staat nadien anders, sterker in het leven en is steviger in zichzelf geworteld dan voordien. Een levensstorm zal haar of hem niet meer zo snel omkegelen als voor die tijd: hij of zij heeft zijn eigen krachten leren kennen en heeft daarop leren vertrouwen. Terwijl degene die zich met de helikopter liet afzetten op de top niets geleerd heeft.

De afweging om medicatie draait soms om het punt of ouders, kinderen en volwassenen de moed hebben de berg te beklimmen in plaats van zich met een helikopter op de top van de berg af te laten zetten. Stolp roept elke ouder op deze vraag zorgvuldig te overdenken. Dit advies kan ik van harte onderschrijven.

Een laatste advies

Bovenstaande informatie en overwegingen kunnen geen gericht advies van een arts vervangen, die jou en/of je kind kent. Elke situatie is anders. Zorg dat je zelf goed weet wat je wil en bespreek eventuele twijfels, maar sta open voor medisch advies. Succes!

Bronnen:

De in de lopende tekst genoemde richtlijnen en websites

Carr, A. (2006). The handbook of Child and Adolescent Clinical Psychology. Routledge, Londen.

Stolp, H. (2010). De levensopdracht van nieuwetijdskinderen. Wie ze zijn en wat ze ons leren. Uitgeverij Ankh-Hermes, Deventer.

© Psychologie Vandaag, kenniscentrum en online therapie 2018. Alle rechten voorbehouden.